Een lucht-water warmtepomp en een geothermische water-water warmtepomp leveren allebei centrale verwarming met lage temperatuur. De lucht-water oplossing haalt warmte uit buitenlucht. Geothermie gebruikt de bodem via verticale sondes. In Belgische renovatie draait het verschil rond haalbaarheid, rendement en projectzwaarte.
Rendement door bron
De lucht-water warmtepomp werkt met een bron die sterk beweegt: buitenlucht. In zachte periodes is dat prima. Bij vriesweer zakt de prestatie en kunnen ontdooicycli nodig zijn. Het jaarlijkse rendement blijft goed als het systeem juist gekozen is.
Geothermie gebruikt een stabielere bron. De bodem schommelt minder dan lucht. Daardoor haalt een water-water warmtepomp vaak een hogere COP en een rustigere winterprestatie.
Die winst is vooral interessant wanneer de woning genoeg warmte vraagt en goed aangepast is aan lage temperatuur. Zonder isolatie of geschikte radiatoren gaat een sterk toestel alsnog minder goed presteren.
Boring en vergunning
Lucht-water vraagt een buitenunit, hydraulische aansluiting, geluidsoverwegingen en een goede regeling. Dat is technisch, maar bekend terrein.
Geothermie vraagt boring. Verticale sondes kunnen diep gaan en raken aan bodem- en grondwatercontext. In Wallonie moeten de regels en lokale beperkingen vooraf bekeken worden. Dat maakt het traject langer en selectiever.
Voor een rijwoning of moeilijk toegankelijk perceel valt geothermie vaak af. Voor een ruim perceel met lange woonhorizon kan het juist sterk zijn.
Premie en keuze
De Waalse premie voor een verwarmingswarmtepomp vertrekt van een basisbedrag en wordt volgens inkomen vermenigvuldigd. Het basisprincipe is niet dat geothermie automatisch een veel hogere premie krijgt. De betere COP moet dus echt nuttig zijn voor uw woning.
Een lucht-water warmtepomp wint op toegankelijkheid. Geothermie wint op stabiele prestaties. EcoChaleur kijkt eerst naar isolatie, afgiftesysteem, beschikbare plaats en budgetlogica. Dan pas heeft de vergelijking waarde.